skip to Main Content
CONTACTBEROEP
RUTH BENSCHOP

Ingezonden: 25-5-20

Ik las in de krant (Bor Beekman, Volkskrant 19 mei) over een spoedverzoek van de film- en televisiebranche aan de overheid om van acteren een contactberoep te maken. De redenen zijn voorstelbaar, maar daar wordt mijn fantasie niet door geprikkeld. Ik denk na over het filosofische experiment dat dit verzoek ook is. Jaren, nee, eeuwen kunstfilosofie zijn meteen verouderd. Wat is kunst? Wanneer en waar en waartoe en hoe? Het sublieme, de autonomie, engagement, schoonheid, beschaving, reflectie, onderscheid, empathie, debat… Ik noem slechts enkele kenmerken die kunst in de loop der tijd zijn toebedeeld, definities die kunst moeten vangen, effecten die kunst zou hebben. Nu is er een andere definitie. Wat kunst onderscheidt, is contact. Het valt daarmee in een nieuw rijtje met onverwachte naasten: de kapper, de shiatsu masseur, de osteopaat, de schoonheidsspecialist, de kunstenaar.

Is “contactberoep” eigenlijk een juridische term, vraag ik me af. Welke arbeidsvoorwaarden, rechten en plichten horen er dan bij? Is er een eigen cao? Hoe wordt de kwaliteit van contactberoepen bepaald? Opvallend, dat sommige van de contactberoepen een beetje in de alternatieve hoek zitten. Schuift dat wat, een contactberoep?

Welke impact zou het hebben, als kunst een contactberoep wordt? Wat zal de kunst anders dan voorheen kunnen en doen, en wat niet meer, wanneer kunst in dit vakje valt? Ik speculeer alvast een beetje over de vorm die deze nieuwe definitie van kunst zou kunnen krijgen, voordat die weer bedolven raakt. Bedolven onder een toekomst waarin het alweer gewoon is geworden, kunst als contactberoep.

In schrijf hier overigens niet over acteurs in film of op televisie, zoals het krantenbericht doet, maar heb het meer algemeen over kunst als contactberoep. Dat doe ik expres. Omdat andere kunstvormen traditioneel ook contact vereisen. (Acteurs in het theater ligt voor de hand, maar musici zijn ook gewend elkaar goed kunnen horen. Dansers vangen elkaar op. Mode wordt meestal ontworpen met vele handen aan hetzelfde stuk.) Maar ook omdat kunst – alle kunst – niet alleen contact nodig heeft, maar het ook teweeg kan brengen. Schitterend, hartverscheurend, pijnlijk, onbegrijpelijk, troostend, gênant contact.

Daarmee wil ik geen nieuwe, exclusieve definitie van kunst voorstellen, klaar om bijgezet te worden in het archief van de kunstfilosofie. Maar ik wil wel gebruik maken van de kier in het denken die in mijn hoofd ontstaat door het verzoek aan de overheid. Door die kier gluur ik naar het rijtje beroepen, waar de kunstenaar plots in terecht is gekomen. Mij bevalt dat gezelschap wel. Het laat me namelijk ongebruikelijke vragen stellen aan de kunstpraktijk. Welke relatie heeft de kunstenaar met het publiek, als we denken vanuit de tatoeëerder? Wat maakt de kunstenaar eigenlijk, als we denken vanuit de fysiotherapeut? Hoe weten we of het werk kwaliteit heeft, als we denken vanuit de pedicure? Wat heeft de toeschouwer te doen, als we denken vanuit de rijinstructeur?

Bovendien gaat mijn hart sneller kloppen van het idee dat we straks met z’n allen met evenveel gretigheid en ongeduld tentoonstellingen, concerten, theaters, festivals zullen bezoeken als we sinds 11 mei weer naar de kapper gaan.

REACTIES
REAGEER OP DIT STUK
Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *